Ontvang al ons nieuws met onze regelgevende nieuwsbrief ‘ASD Link‘
ASD Group, uw favoriete deskundige contactpersoon op het gebied van internationale ontwikkeling, BTW en internationale belastingen, douaneoperaties, sociale regelgeving en bedrijfsstrategie.
Toepassing van een forfaitair douanerecht op zendingen van lage waarde (met een waarde van 150 euro of minder) van 1 juli 2026 tot 1 juli 2028.
Het recht geldt per declaratielijn (en niet per pakket). Een pakket met meerdere productcategorieën of verschillende oorsprongen wordt meerdere keren belast.
Betreft alle verkoop op afstand van ingevoerde goederen (VADBI) in B2C via de iOSS-regimes of postale regimes, ongeacht het type douaneaangifte (H1, H6, H7).
Invoering van een anti-misbruikclausule om kunstmatige bundeling van bestellingen te verbieden en een verplichting van een enkele geadresseerde per zending.
Een nieuw forfaitair douanerecht van 3 € vanaf 1 juli 2026
Vanaf 1 juli 2026 tot en met 1 juli 2028 past de Europese Unie een forfaitair douanerecht van 3 € toe op ingevoerde goederen in zendingen met een intrinsieke waarde van 150 € of minder.
Deze maatregel is voorzien in de verordening (EU) 2026/3821 van de Raad en markeert de opheffing van de vrijstelling van douanerechten waar kleine pakketjes tot nu toe van genoten bij binnenkomst op het douanegebied van de Europese Unie.
Waarom heft de EU de vrijstelling voor pakketjes onder de 150 € op?
Deze nieuwe regelgeving maakt deel uit van de hervorming van het douanewetboek van de Europese Unie, met als doelstellingen:
de douaneprocedures moderniseren;
de veiligheid van Europese consumenten versterken;
een eerlijkere concurrentie waarborgen tussen Europese ondernemingen en verkopers gevestigd in derde landen;
de ontwikkeling van de internationale e-commerce beter controleren.
Volgens de Europese Commissie voldoet een groot deel van de via e-commerceplatforms ingevoerde goederen niet aan de Europese eisen op het gebied van veiligheid, conformiteit of consumentenbescherming. De opheffing van deze vrijstelling heeft dus tot doel de controles te versterken terwijl concurrentieverstoringen worden beperkt.
Waarom wordt deze maatregel ingevoerd?
De door de Europese Commissie gepubliceerde cijfers illustreren de omvang van het fenomeen. In 2025 zijn bijna 5,9 miljard artikelen van lage waarde rechtstreeks vanuit derde landen naar consumenten in de Europese Unie verzonden, zonder douanerechten.
Deze situatie heeft veel buitenlandse verkopers in staat gesteld bijzonder concurrerende prijzen aan te bieden, ten nadele van Europese handelaars die zwaardere regelgevende en fiscale verplichtingen dragen.
Met de invoering van dit forfaitair douanerecht van 3 €2 wenst de Europese Unie eerlijkere concurrentievoorwaarden te herstellen en tegelijk de controle op importen van lage waarde te versterken.
In welke gevallen is het forfaitaire douanerecht van 3 € van toepassing?
Volgens de verklarende nota’s gepubliceerd door de Europese Commissie op 2 juni 20263 is het forfaitaire douanerecht van 3 € van toepassing op verkoop op afstand van ingevoerde goederen (VADBI) wanneer de intrinsieke waarde van de goederen 150 € of minder bedraagt.
Deze belasting is verschuldigd in de volgende situaties:
wanneer het iOSS-regime (Import One-Stop Shop) wordt gebruikt om de verkoop op afstand van ingevoerde goederen aan te geven;
wanneer de goederen per postzending worden verzonden, ongeacht of ze onder de speciale regimes of het klassieke btw-regime bij invoer vallen.
Bovendien is de toepassing van dit douanerecht van 3 €onafhankelijk van het type douaneaangifte dat voor de invoer van de goederen wordt gebruikt. Het geldt dus zowel voor aangiften H1, H6 als voor aangiften H7.
Met andere woorden, zodra de voorwaarden met betrekking tot de waarde van de goederen en de invoerwijze zijn vervuld, is het forfaitaire recht verschuldigd, ongeacht het gekozen aangifteregime.
Wat is een verkoop op afstand van ingevoerde goederen (VADBI)?
Een verkoop op afstand van ingevoerde goederen (VADBI) is de verkoop van goederen die vanuit een land of grondgebied buiten de Europese Unie worden verzonden naar een eindconsument die is gevestigd in een lidstaat van de EU.
Het begrip VADBI is gedefinieerd in artikel 14, lid 4, punt 2, van de btw-richtlijn 2006/112/EG. Het betreft goederen die door de leverancier of voor zijn rekening worden verzonden of vervoerd, ook wanneer hij indirect betrokken is bij de organisatie van het vervoer.
Wat zijn de voorwaarden om een verkoop als VADBI te kwalificeren?
Om als verkoop op afstand van ingevoerde goederen te worden beschouwd, moet een transactie aan de volgende vier voorwaarden voldoen:
Voorwaarde
Details
Status van de verkoper
De verkoper moet een btw-plichtige zijn.
Status van de koper
De koper moet een niet-btw-plichtige persoon (eindconsument / B2C) zijn die is gevestigd in de Europese Unie.
Locatie van de goederen
De goederen moeten zich op het moment van verkoop buiten de Europese Unie bevinden.
Verzending
De goederen moeten door de verkoper worden verzonden of vervoerd (of voor zijn rekening).
Daarentegen wordt de verkoop niet als VADBI beschouwd als de consument de goederen zelf ophaalt of het vervoer organiseert zonder enige tussenkomst van de verkoper.
⚠️ Belangrijk
Als de verkoop aan de eindconsument plaatsvindt na het in het vrije verkeer brengen in de EU, worden de goederen niet als VADBI beschouwd en zijn ze daarom niet onderworpen aan het forfaitaire douanerecht van 3 euro.
Wat is de anti-misbruikclausule?
De anti-misbruikclausule stelt de douaneautoriteiten in staat om praktijken te bestrijden die tot doel hebben de toepassing van het forfaitaire douanerecht van 3 € op importen van lage waarde te omzeilen.
Hoe werkt dit?
Wanneer een goed via meerdere verkopen naar de Europese Unie wordt getransporteerd, analyseren de autoriteiten de volledige keten:
Het doel: Bepalen welke transactie een verkoop op afstand van ingevoerde goederen (VADBI) vormt.
De regel: Alleen de transactie die als VADBI wordt gekwalificeerd, wordt in aanmerking genomen om te bepalen of het forfaitaire douanerecht moet worden toegepast.
💡 Kort samengevat
Deze clausule voorkomt dat u de aard van een verkoop “opsplitst” of maskeert om zo aan douaneheffingen te ontkomen.
Hoe wordt de intrinsieke waarde van de goederen per zending bepaald?
De intrinsieke waarde van een zending komt overeen met de waarde van de goederen zelf, die met name wordt gebruikt om te bepalen of een pakket onderworpen is aan het forfaitaire douanerecht van 3 € bij importen van lage waarde.
Hoe berekent u de intrinsieke waarde van de goederen?
De intrinsieke waarde voor de bepaling van de waarde van de zending is gedefinieerd in artikel 1, punt 48, van Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/24464 :
Type goederen
Berekeningsmethode van de intrinsieke waarde
Commercieel
De intrinsieke waarde komt overeen met de prijs van de goederen verkocht voor uitvoer naar de Europese Unie. Vervoers- en verzekeringskosten zijn uitgesloten, tenzij deze in de totale prijs zijn inbegrepen zonder dat ze op de factuur afzonderlijk worden vermeld. Ook andere belastingen en heffingen die door de douaneautoriteiten kunnen worden geverifieerd op basis van relevante documenten, zijn inbegrepen.
Niet-commercieel
De intrinsieke waarde komt overeen met de prijs die zou zijn betaald als de goederen voor uitvoer naar de Europese Unie waren verkocht.
Hoe wordt het forfaitaire douanerecht toegepast?
De douanerechten van 3 euro worden berekend per artikel en niet per pakket.
Dit betekent dat het één keer wordt toegepast per artikelregel met dezelfde douanenomenclatuur (en desgevallend voor H1-aangiften, dezelfde oorsprong), ongeacht het aantal artikelen dat in die regel is vermeld.
De voorbeelden in de onderstaande tabellen illustreren hoe het forfaitaire douanerecht van 3 euro wordt toegepast afhankelijk van de gebruikte douaneaangifte:
H1 :
De 10-cijferige TARIC-code moet worden aangegeven;Het “land van oorsprong” moet worden aangegeven;
De hoeveelheid artikelen.
H6 en H7 :
De 6-cijferige HS-code moet worden aangegeven (voor H6, de 8-cijferige GN-code);Het “land van oorsprong” hoeft niet te worden aangegeven;
De hoeveelheid artikelen is niet beschikbaar in H7 en alleen beschikbaar in H6 als deze hoeveelheid in de ondersteunende documenten staat.
Gebruikte douaneaangifte
Douanenomenclatuur
Identificatie HS-CODE
Identificatie producten (factuur)
Oorsprong
Totaal douanerechten
H7
6104 19
Kostuums, ensembles, jasjes, blazers, jurken, rokken, broekrokken, broeken, broeken met bretels, kniebroeken en shorts (andere dan zwemkleding), voor dames of meisjes, gebreid of gehaakt – Kostuum – Van andere textielstoffen
Kostuums, ensembles, jasjes, blazers, jurken, rokken, broekrokken, broeken, broeken met bretels, kniebroeken en shorts (andere dan zwemkleding), voor dames of meisjes, gebreid of gehaakt – Kostuum – Van andere textielstoffen
Kostuums, ensembles, jasjes, blazers, jurken, rokken, broekrokken, broeken, broeken met bretels, kniebroeken en shorts (andere dan zwemkleding), voor dames of meisjes, gebreid of gehaakt – Kostuum – Van andere textielstoffen
Kostuums, ensembles, jasjes, blazers, jurken, rokken, broekrokken, broeken, broeken met bretels, kniebroeken en shorts (andere dan zwemkleding), voor dames of meisjes, gebreid of gehaakt – Kostuum – Van kunstvezels
1x dameskostuum van kunstvezel
CN
12 euro
H1
6104 19 90 10
Identiek aan de vorige
1x kostuum van kunstvezel
TH
H1
6104 19 90 20
Kostuums voor dames of meisjes – Van wol of fijn haar
2x dameskostuum van kunstvezel
CN
H1
6104 19 90 90
Kostuums voor dames of meisjes – Andere textielstoffen
1x dameskostuum (overig)
CN
⚠️ Let op
Een H1-aangifte is strikt beperkt tot één ontvanger. Bij meerdere zendingen voor verschillende eindgebruikers moet u verplicht per zending aangifte doen en niet via een verzamelde aangifte.
Wordt het forfaitaire douanerecht van 3 € opgenomen in de belastbare grondslag van de btw bij invoer?
De behandeling van het forfaitaire douanerecht van 3 € in de belastbare grondslag van de btw bij invoer hangt af van het regime dat de verkoper gebruikt, met name of al dan niet gebruik wordt gemaakt van de iOSS (Import One-Stop Shop).
Geval waarin het iOSS-regime niet wordt gebruikt
Wanneer de verkoper het iOSS-regime niet gebruikt, wordt het forfaitaire douanerecht van 3 € opgenomen in de belastbare grondslag van de btw bij invoer.
In dat geval wordt de btw berekend bij de invoer van de goederen in de Europese Unie, op een grondslag die alle belastbare elementen omvat, inclusief dit forfaitaire recht.
Geval waarin het iOSS-regime wordt gebruikt
Wanneer de verkoper het iOSS-regime gebruikt, is de situatie anders:
de btw wordt aangegeven en betaald via de iOSS-aangifte op het moment van verkoop;
de btw bij invoer is niet verschuldigd bij binnenkomst van de goederen in de Europese Unie;
het forfaitaire douanerecht van 3 € wordt niet opgenomen in de belastbare grondslag van de btw bij invoer.
💡 Goed om te weten
Het forfaitaire douanerecht van € 3 wordt niet terugbetaald bij retour van de goederen, zelfs niet als de transactie na invoer wordt geannuleerd.
Wie is verschuldigde van het forfaitaire douanerecht van 3 €?
De verschuldigde van het forfaitaire douanerecht van 3 € is in alle gevallen de douane-aangever. Zijn identiteit varieert echter naargelang het douaneregime dat voor de invoer van de goederen in de Europese Unie wordt gebruikt.
Hoe wordt de verschuldigde bepaald?
De hoedanigheid van verschuldigde volgt een precieze hiërarchie naargelang de wijze van aangifte:
Wanneer de IOSS-regeling wordt gebruikt, is de aangever de houder van het IOSS-nummer of diens indirecte douanevertegenwoordiger. In dit geval wordt de verkoper of het platform dat IOSS gebruikt, beschouwd als de hoofdschuldenaar.
Wanneer de IOSS-regeling niet wordt gebruikt, maar de goederen worden aangegeven via de vereenvoudigde regeling voor postzendingen, is de aangever de postexploitant of diens indirecte douanevertegenwoordiger.
Wanneer noch de IOSS-regeling, noch de vereenvoudigde postregeling wordt gebruikt, is de aangever de indirecte douanevertegenwoordiger.
Bij afwezigheid van deze regelingen en een indirecte douanevertegenwoordiger kan de aangever iedere persoon zijn die in staat is de noodzakelijke informatie voor de douaneaangifte te verstrekken en de goederen aan de douaneautoriteiten te presenteren.
Gebruikte regeling
Schuldenaar (Aangever)
IOSS-regeling
Houder van het IOSS-nummer of diens indirecte douanevertegenwoordiger (verkoper of platform).
Vereenvoudigde postregeling
Postexploitant of diens indirecte douanevertegenwoordiger.
Andere situatie
Indirecte douanevertegenwoordiger.
Standaardgeval
Iedere persoon die in staat is de noodzakelijke informatie te verstrekken en de goederen te presenteren.
Is de eindconsument verschuldigde?
In de praktijk is de niet-btw-plichtige eindconsument vrijwel nooit verschuldigde van het forfaitaire douanerecht van 3 €.
⚠️ Uitzondering
Deze kan in zeer beperkte gevallen schuldenaar zijn, uitsluitend wanneer de betrokken lidstaat een rechtstreekse en vereenvoudigde onlineaangifte voor particulieren toestaat.
Wat zijn de gevolgen voor e-commerceverkopers?
Het nieuwe forfaitaire douanerecht heeft een directe impact op actoren in de B2C e-commerce naar de Europese Unie. Deze nieuwe regels leiden tot hogere kosten voor producten met een lage waarde, wat een herziening van prijsstrategieën, verzendmethoden en operationele modellen noodzakelijk maakt.
Belangrijke aandachtspunten:
Classificatie en oorsprong: Productcatalogi moeten nauwkeurig worden ingevuld (tariefcodes en oorsprong), aangezien de rechten worden berekend per aangifteregel.
Keuze van de invoerregeling: De keuze tussen de regelingen (bijv. H1 of H7) is bepalend voor de hoogte van de te betalen rechten en de aangifteverplichtingen. »
💡 Advies
Een analyse per geval is noodzakelijk om de kosten te minimaliseren. ASD Group kan u begeleiden bij het optimaliseren van uw invoerstromen in overeenstemming met de regelgeving.
Laat deze nieuwe douaneregels uw marges niet beïnvloeden
ASD Group begeleidt u bij de optimalisatie van uw stromen.
Noémie is een gespecialiseerde redacteur bij ASD Group. Ze creëert en beheert blogartikelen en nieuws op onze websites, met de nadruk op btw, internationale belastingen, douanezaken, sociale regelgeving en internationale handel. Met haar heldere en educatieve schrijfstijl maakt ze complexe en technische onderwerpen makkelijk begrijpelijk en relevant voor bedrijven.
De hervorming van de elektronische facturatie in Frankrijk (in het Engels) treedt geleidelijk in werking. Hoewel de verplichting tot e-invoicing hoofdzakelijk betrekking heeft op binnenlandse…
In 2023 besloot Polen zich aan te sluiten bij de groep lidstaten die elektronische facturatie verplicht stellen. In dit kader vormt het KSeF-systeem een belangrijke…
9 april 2026
Neem contact op met onze experts
Meer weten over onze aanbiedingen? Neem contact met ons op en onze experts zullen snel reageren.
Inhoudsopgave
E-Reporting in Frankrijk vanaf 01-09-2026: Buitenlandse ondernemingen, bereid u voor! Meer informatie